Maak een liggend werkblad met schrijfrichting, natrekken en zelfstandig schrijven. Zet precies de onderdelen aan die je nodig hebt.
Wat je typt verschijnt automatisch bij schrijfrichting en bij overtrekken. Gebruik hoofdletters als je hoofdletters wilt oefenen.
De overblijvende kolommen worden automatisch breder en blijven samen één werkblad.
Kies de lijnsoort per onderdeel. Zo kan schrijfrichting één lijn gebruiken en overtrekken drie lijnen.